* Zorg dat je kwaliteitsgaren hebt! Dat maakt echt verschil.

* Geef het garen de ruimte. Het moet zich letterlijk kunnen ontspannen voor het aan het werk gaat. Er zijn attributen voor in de handel om je garen een langere weg af te laten leggen naar de naaimachine. Een simpele manier hiertoe is het garen niet op de garenhouder te zetten, maar in een kopje of glas te doen wat je achter de machine neerzet. Zo kan het garen over een langere afstand vrij afrollen. Dit wil nog wel eens de remedie zijn tegen garenbreuk.

* Goed inrijgen! Controleer bij problemen of het garen wel goed is ingeregen. Gebruik hiervoor je beide handen.

* Veel garens hebben meer ruimte nodig dan je zou denken. De spanning moet vaak losser zijn dan standaard, soms naar 1 of 1,5 toe. Probeer het uit, het stiksel moet er goed uitzien, daar gaat het om.

* Spoelspanning is lastiger te regelen. Blijf daarom zo veel mogelijk bij het zelfde (vrij dunne) garen en pas liever de bovenspanning aan.

* Het laatste haakje  (draadgeleider) boven de naald. Vaak is het beter dit niet te gebruiken. Dit is een kwestie van uitproberen.

* De naald is heel belangrijk! Gebruik voor dun garen microtex naalden (smalle punt) en voor andere soorten topstitch naalden, waarbij het oog meer ruimte biedt. Belangrijk is niet verschillende soorten garens door de zelfde naald te laten gaan. Het garen verandert namelijk het oog van de naald door slijtage.

* Naalden moet je vaak wisselen, na ca. 8 uur is er een nieuwe naald nodig. Als je een bonkend geluid hoort en zeker als de naald breekt ben je veel te ver gegaan. Je werk wordt er niet mooier van en het is slecht voor je naaimachine.

* Spoelgaren: je werk blijft soepeler als je dun spoelgaren gebruikt. Zeker bij intensief quiltwerk en meerdere lagen maakt dit veel verschil.

* “Go slow!”. Werk langzaam, geef de machine en het garen de tijd de steek te maken. Dit geldt te meer naarmate het garen ‘lastiger’ is, zoals dik katoen of metallic. Anders loop je risico dat er steken worden overgeslagen.

* Kies als vuistregel voor dun garen een kleinere steek. Voor dikker garen is een royale, opener steek mooier. Voor een klein steekje ontbreekt dan de ruimte.

* Als het garen knapt bij de naald, dan komt dat vaak doordat de naald er door heen prikt. Dat kan bij free motion quilten gemakkelijk gebeuren. Zorg dus voor goed zicht op je werk.

 

Bron: Herma de Ruiter, Wonderfil Threaducation Centre